W. (WALTER) VAES


Kunstenaars

Biografie

W. (WALTER) VAES
1882 Borgerhout (België) - 1958 Antwerpen (België)

Walter Constant Renerus Vaes groeide op in Borgerhout in een milieu van notabelen, intellectuelen en kunstenaars. Een deel van zijn kindertijd bracht hij door in Liverpool. Zijn opleiding begon in het atelier van zijn oom Piet Verhaert, gespecialiseerd in genrestukken en etsen, waar hij beide technieken leerde. Op zijn veertiende trad hij toe tot het Antwerpse kunstonderwijs onder Albrecht De Vriendt (1843-1900), directeur van de Koninklijke Academie.In 1904, op 22-jarige leeftijd, won hij de Prix de Rome. De bijbehorende beurs financierde een uitgebreide studiereis naar Italië, gevolgd door Duitsland, Oostenrijk, Spanje, Turkije, Egypte en Libanon. Hij was medeoprichter van De Eenigen (1902) en van Kunst van Heden (1905).

Tijdens de Eerste Wereldoorlog week hij uit naar Veere in Zeeland, waar hij met onderbrekingen tot omstreeks 1920 verbleef. Hij woonde er eerst in 'De Struijs' bij de familie Ochs, later in het 'Bordeaulx Oxhooft'. Zeeland kende hij al via Verhaert. Deze periode legde de basis voor zijn Nederlandse netwerk: lidmaatschap van Pulchri Studio, contacten met verzamelaars als Van Beuningen en regelmatige exposities in Nederland. Terug in Antwerpen werd hij docent aan het Nationaal Hoger Instituut voor Schone Kunsten (aanstelling 1924, tot zijn emeritaat in 1949), met stilleven als leeropdracht. In 1938 werd hij verkozen tot lid van de Koninklijke Vlaamse Academie.

Vaes liet historie- en mythologische taferelen al vanaf 1905 los ten gunste van portret en stilleven op klein formaat. Zijn stillevens staan in de Vlaamse traditie met een realistische inslag: een enkele rog, een krab op de rug, een viskop op een bord, een kippenkarkas, motieven die direct aansluiten bij Courbet en bij de Antwerpse realistische lijn van Henri Leys, Henri De Braekeleer en Verhaert. Daarnaast bloemstukken, aristocratische portretten en stadsgezichten, met Fantin-Latour als belangrijk referentiepunt. Als etser geldt hij bij sommige auteurs als sterker dan als schilder, vooral in landschappen en stadsgezichten van Veere en Zierikzee. Nieuwe stromingen als het expressionisme, de Nieuwe Zakelijkheid en Cobra negeerde hij consequent, wat vermoedelijk verklaart waarom hij na zijn dood in relatieve vergetelheid raakte.

Zijn werk is te vinden in de musea van Antwerpen, Gent, Luik en Sint-Niklaas, en in het Antwerpse prentenkabinet. Musée L in Louvain-la-Neuve ontving in 2021 een schenking van 158 etsen en wijdde hem een tentoonstelling. In 1987 was er een overzichtstentoonstelling in het Singer Museum in Laren.

1 results sorted by nieuw. Showing results 1 - 1.