Oil / Canvas: 60,5 x 120,5 cm
Ferdinand Hart Nibbrig wilde het effect van het licht op het landschap schilderen. Hij koos altijd een plek waarvandaan het uitzicht eindeloos was en schilderde dat vanaf een hooggelegen standpunt. Hart Nibbrig vond geschikte landschappen in de duinen rond het Zeeuwse dorp Zoutelande, in Zuid-Limburg, op de Utrechtse Heuvelrug en zoals hier, in de Duitse Eifel. Tussen 1904 en 1909 bezocht Hart Nibbrig de Eifel, waar hij de heuvels introk om ook hier het dal te schilderen vanaf een hooggelegen standpunt. Het effect van de enorme weidse ruimte werkt op de beschouwer als een panorama. Je voelt je opgenomen in het landschap. Doordat het beeld niet begrensd is door beeldelementen links en rechts, zoals meestal in de traditionele landschapsschilderkunst, wordt het panoramische effect nog versterkt. De ruimte lijkt eindeloos.
Dit panorama in de Eifel is opgebouwd uit drie plans. Op de voorgrond zien we de velden, waarop elk grassprietje en elk bloemetje individueel geschilderd lijkt te zijn. Het middenplan bestaat uit verschillend gekleurde vakjes, akkers waarop verschillende gewassen groeien. Hier zitten de details vooral in de realistisch geschilderde bomen. Op het achterste plan zijn er de beboste heuvels, die een schittering hebben gekregen door kleine lichte stipjes. Hart Nibbrig’s biograaf P.H. van Moerkerken heeft dit effect in 1901 treffend omschreven. Volgens hem wilde de schilder “die tinteling van licht, die zuiverte van atmospheer, welke zo lang reeds zijn begeerte was geweest” vastleggen. Dat is hem in ons schilderij buitengewoon goed gelukt. Die tinteling van het licht was waar het om ging en die wist Hart Nibbrig te bereiken door het vrij toepassen van de stippeltechniek die hij ontdekt had in Frankrijk. In de jaren tachtig van de negentiende eeuw had hij korte tijd in Parijs gestudeerd, waar hij Theo van Gogh had leren kennen. Via hem en de kunsthandel waar hij werkte, raakte hij onder de indruk van het werk van Camille Pissarro, Edgar Degas en Georges Seurat, maar ook van Theo’s broer Vincent, die korte verftoetsen gebruikte om het schilderij een emotionele lading te geven. Terug in Nederland kostte het Hart Nibbrig nog enige tijd zich los te maken van de sfeer van de Haagse School. Met de aan moderne Franse technieken ontleende manier van schilderen bereikte hij een grote verfijning, waarvan ons schilderij één van de hoogtepunten is. Hart Nibbrig bleef overigens niet altijd in de pointillistische stijl schilderen. Zijn werk was nog volop in ontwikkeling toen hij, veel te vroeg, in 1915 overleed.
Zijn manier van schilderen geeft een helder, tintelend effect, ideaal voor het vastleggen van het zonlicht op een landschap. Hart Nibbrig gebruikte deze techniek op een weinig dogmatische manier. Hier heeft hij het pointillé, zeker op de voorgrond, ook realistisch gebruikt. Een criticus zag er in 1910 iets heel nieuws in: “Zoo was het voor ons wel iets van een nieuwe schoonheid in ons landschap, waarop Nibbrig met zijn meest-geslaagde werk heeft gewezen. Men kan zeggen dat hij van dit landschap een versmaden kant heeft ontgonnen. Hij heeft ook in ons landschap leeren zien de schoonheid van het gelijkmatig door de zomerzon beschenene. Hij heeft in die strakke en felle aspekten, als onder de vloeden van de lichtzee de akkers van rog en boekweit in goud- en zilver-banen als helle kleurvakken licht-trillend gestreken liggen, een nieuw en dekoratief schema gevonden voor een eigen landschapskunst”.
Het Rijksmuseum bezit een tekening van exact hetzelfde landschap, die waarschijnlijk als voorstudie voor ons schilderij heeft gediend.
Ferdinand Hart Nibbrig was born in Amsterdam on 5 April 1866. He studied at the Amsterdam National Academy from 1883 to 1888, and finished his schooling in Paris at Ecole Julien and the Cormon studio. There he was influenced by the work of Vincent van Gogh and Georges Seurat, although he would only use these influences in his work later on. After returning to the Netherlands, in his initial years as an artist, Hart Nibbrig mainly worked in the impressionist style of the Amsterdam School of Breitner and Isaac Israels. When he moved to Laren, his style gradually became more realistic, but increasingly he also painted pointillistic landscapes. Whether depicting people or landscapes, Hart Nibbrig continually strove to penetrate the essence of what he perceived. People in their environment, with special attention for labourers, weavers and farming types, were depicted realistically, and approached psychologically and in a flat style. His aim was to reveal their characters. When painting landscapes he strived to portray the light in all its manifestations. His work is characterized by an abundance of light and bright colours. Except in the artist’s village of Laren, Nibbrig worked and lived for shorter or longer spells in Rhenen, in Vlieland, in South Limburg and in Zoutelande in Zeeland. He also took trips to North Africa and Germany. On 12 October 1915 Hart Nibbrig died in Laren at the age of fifty-two. Although his career as a painter ended far too early, his artistic heritage has remained important. Hart Nibbrich was one of the first artists to introduce luminism in the Netherlands. A large collection of his work can be seen in the Singer Museum in Laren, not far from the villa and atelier where much of his best work was made.